WNRA: gelijke rechtspositie ambtenaren en werknemers

Over deze nieuwe wet werd een interessante cursus gegeven op woensdag 23 oktober 2019 door mr. Van Rijs van de universiteit Tilburg. Na een lange voorgeschiedenis kwam in 2010 het initiatiefvoorstel WNRA om de arbeidsverhoudingen van ambtenaren gelijk te stemmen met werknemers in het private bedrijfsleven. Het gevolg is dat we er nieuwe ‘ambtenaren’ bij krijgen omdat de werknemers van UWV, TNO en SVB een arbeidsovereenkomst met een overheidswerkgever hebben.

Leerkrachten in het onderwijs zijn na 1 januari 2020 geen ambtenaar meer. Uitgezonderd blijven de politieke ambtsdragers, bijvoorbeeld rechters, gerechtsdeurwaarders, notarissen, politie en defensie: zij blijven ambtenaar met een eenzijdige aanstelling. Dit heeft alles te maken met hun integriteit en vertrouwensfuncties.

De eenzijdige vaststelling bij overheidsbanen wordt vervangen door een tweezijdige arbeidsovereenkomst. Met de WNRA wijzigt ook de Wet op de Loonvorming die nu niet van toepassing is op ambtenaren. Zo verandert het begrip ‘ambtenaar' en wordt de publiekrechtelijke rechtspositie veranderd naar een privaatrechtelijke rechtspositie. Wel blijven er aangepaste regels voor de uitgezonderde ambtenaren.

De aanstelling van een ambtenaar wordt van rechtswege omgezet in een arbeidsovereenkomst naar burgerlijk recht per 1 januari 2020. De gewerkte dienstjaren van de ambtenaren voor de inwerkingtreding tellen mee bij de vaststelling van de transitievergoeding, de toepassing van de ketenregeling, de opzegtermijn en de proeftijd. Bij geschillen is het bestuursrecht (bezwaar en beroep-procedures) niet meer toepasselijk waardoor het ontslagrecht verandert. Er zijn nu al CAO’s uitgewerkt. Voor de CAO-Rijk (caorijk.nl) is vanuit de werkgeverspositie onderhandeld met werknemers, en de CAO-VNG (Vereniging Nederlandse Gemeenten) is gemaakt door advocaten: werknemers(-organisaties) kunnen daarop reageren.

Wat kunnen wij als Arbeidsrechtjuristen aan juridische vragen verwachten rondom december 2019 en na 1 januari 2020?

Enkele kernpunten waar mogelijk problemen kunnen ontstaan:
• Bewijsrecht is veranderd;
• Het Cao-recht: is de opgestelde cao niet in strijd met dwingend recht?
• Wat wil het UWV weten, zijn de medewerkers voldoende bekend met de werkwijzen van Gemeenten en Provincies?
• Hoe gaat de Sociale Zekerheid werken voor werknemers van Academische Ziekenhuizen, Universiteiten e.d.? Hoe moet de werkgever deze opplussen?
• Krijgt iedereen wel een contract voor onbepaalde tijd (als de keten wordt opgeteld)?
• Wat zijn de uitzonderingen?
• Hoe is de procedure bij arbeidsongeschiktheid?
• Bij het ontslagrecht is de Bezwaar- en beroepsprocedure veranderd in een civielrechtelijke procedure.
• Er ontstaat nieuw bewijsrecht en ontslagrecht.

Enerzijds is een ontslagprocedure moeilijker, omdat de werkgever bij ontslag van een werknemer middels een opgebouwd dossier aannemelijk moet maken dat ontslag wegens disfunctioneren een goede reden is. Anderzijds wordt de ontslagprocedure gemakkelijker vanwege het combineren van de ontslaggronden uit de wet- de zogenaamde i-grond- waardoor te verwachten is dat het ontslag van een werknemer weer eenvoudiger wordt.

Deze nieuwe wet zorgt ongetwijfeld voor veel werk voor arbeidsrechtjuristen. De CAO’s zijn nog niet volledig uitonderhandeld. Er zullen per 1 januari 2020 onvoorziene praktijksituaties ontstaan. De arbeidsrechtjuristen onder ons kunnen aan de slag!

Nadere informatie bij mevrouw mr. Rianne van der Heijden (info@emyrtan.nl) van de cursuscommissie.